Kwaliteit verblijfzorg jeugd en samenwerking Centraal Gelderland

Elf gemeenten in Gelderland werken nauw samen bij de inkoop van maatwerkvoorzieningen.  Vanaf juli 2020 hanteert de regio een nieuw model voor verblijfzorg jeugd. Het gaat dan om vormen van jeugdhulp waarbij sprake is van 24-uurs opvang inclusief overnachting. Doel is dat minder kinderen uit huis worden geplaatst en wanneer blijkt dat jeugdigen toch écht niet meer thuis kunnen wonen, dan plaatsen de gemeenten hen bij voorkeur in een gezinsgerichte setting. De regio koos daarmee nadrukkelijk voor een forse afbouw van de residentiële verblijfsvoorzieningen op terreinen, ten gunste van opvang in pleeggezinnen en gezinshuizen. In de inkoopdocumenten zijn daartoe inhoudelijke kwaliteitscriteria benoemd alsook criteria voor samenwerking van partijen aan transformatie en innovatie. In dit artikel richten we ons specifiek op een van de percelen in de aanbesteding, namelijk de ‘gezinshuizen’.

Sjoerd Boltjes en Mariëlle Glasbergen zijn beiden werkzaam bij Inkoop sociaal domein Centraal Gelderland, Sandra de Graaf werkt bij zorgaanbieder Driestroom. Zij vertellen over de bij de aanbesteding gehanteerde kwaliteitscriteria en het overleg tussen partijen over de gewenste transformatie in de verblijfszorg voor jeugdigen in de regio (gemeenten Arnhem, Doesburg, Duiven, Lingewaard, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Wageningen, Westervoort en Zevenaar).

“De gemeenten zijn in 2018 aan de slag gegaan met een transformatieplan voor jeugdzorg met verblijf. Zij constateerden dat het niet de kant op ging waarop zij wilden dat het ging. Ook de documentaire Alicia over een meisje dat verblijft in een groepsvoorziening op een instellingsterrein, had veel stof doen opwaaien”, vertelt relatiemanager verblijf Boltjes. “De doelstellingen in het plan zijn: 50% afbouw van residentiële zorg, meer investeren in probleemgezinnen zodat jeugdigen niet in verblijf komen en op het moment dat ze in verblijf komen, zoveel mogelijk een gezinsgerichte oplossing kiezen. Dit transformatieplan is de basis geweest voor de nieuwe contractering.”

Collectief stelt uitvoeringagenda op

De regio heeft in haar aanbestedingseisen de opdrachtnemers aan wie de opdracht zou worden gegund, verplicht om samen te werken in een Collectief. In dit collectief nemen gemeenten en zorgaanbieders deel, in samenspraak bepalen zij de concrete acties om de transformatiedoelen te behalen en pakken zij knelpunten op. Er is een kopgroep die elke drie á vier weken onder leiding van Boltjes bijeenkomt, waarbij ook een manager vanuit sociale wijk- en jeugdteams en een manager namens de gecertificeerde instellingen aansluit. Daarnaast is er een meeleesgroep van 12 personen vanuit gemeenten en aanbieders en eens in de twee á drie maanden een breed overleg met alle gemeenten en alle 36 gecontracteerde aanbieders.

Gestart is met het opstellen van een gezamenlijke visie, die elke aanbieder heeft onderschreven. Nu is de kopgroep bezig met het opstellen van een concrete uitvoeringsagenda. Een eerste verbeteractie is het inrichten van een gezamenlijk punt, waar alle verwijzingen voor uithuisplaatsing langs moeten komen. “We zien dat soms toch nog meer in de ambulante sfeer had kunnen gebeuren voordat we een kind uit huis plaatsen”, zegt Boltjes. Andere actiepunten zijn: meer woningen voor jongeren die daardoor kunnen uitstromen uit de verblijfsvoorziening, het verblijflandschap aanpassen door terreingebonden verblijf deels af te bouwen of om te zetten naar kleinschaligere voorzieningen. En ambulante alternatieven mogelijk maken via meer semi-verblijfsoplossingen en volledig ambulante oplossingen ter voorkoming van uithuisplaatsing.

Sandra de Graaf

Eisen aan gezinshuizen

In de aanbestedingsdocumenten zijn een aantal inhoudelijke kwaliteitseisen voor gezinshuizen opgenomen die De Graaf als accountmanager bij Driestroom van harte onderschrijft. Eerder was Driestroom al betrokken bij het opstellen van de landelijke Kwaliteitscriteria Gezinshuizen (waarover in deze aanbesteding staat dat de aanbieder zich daaraan dient te conformeren). Van belang is te komen tot een goede matching tussen gezinshuis en cliënt en het vinden van een gezinshuis zo dicht mogelijk bij het sociale netwerk van de jeugdige.

Voor de eis dat er gewerkt wordt met een toekomst- ofwel perspectiefplan voor de periode na het bereiken van het 18e levensjaar, hebben we een ‘piep’ in ons systeem gebouwd. Zo kunnen we de gezinsouders attenderen om hier op tijd mee aan de slag te gaan.

Zorgaanbieder Driestroom en de gezinshuisouders werken samen vanuit een franchise-constructie. De gezinshuisouders zijn zelfstandig ondernemers en Driestroom treedt in het kader van de aanbesteding namens hen op als hoofdaanbieder. De Graaf: “Bij de inschrijving werd gevraagd hoe wij als hoofdaanbieder zouden gaan sturen op uitstroom en afschaling van zorg. Maar wij kunnen vanuit de franchise-constructie geen opdrachten geven aan gezinshuizen. Via hen willen wij perspectief biedende plaatsingen tot stand brengen. We willen kinderen die soms al zes of zeven plaatsingen achter de rug hebben, juist een plek bieden waar ze kunnen blijven en zich ontwikkelen. Ook het afschalen van zorg speelt bij ons maar beperkt, wij bieden juist al een alternatief voor residentiële verblijfszorg op terreinen.”

Gestelde eisen ook toetsen

“Op de wettelijke eisen houdt de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd in principe het toezicht. In de aanbestedingsdocumenten geven wij als eis aan dat de inschrijvers HKZ, ISO of gelijkwaardig gecertificeerd zijn. Maar deze vorm van toetsing is vooral gericht op kwaliteitsdocumenten en -processen. Voor ons gaat het er om of medewerkers in verblijfzorg jeugd de gestelde eisen in de praktijk brengen, er mee werken, zoals bijvoorbeeld rond veiligheid. Is de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling daadwerkelijk breed geïmplementeerd in de organisatie, zien we het terug in het werk van medewerkers?”, vertelt kwaliteitscoördinator Glasbergen. “Wij zijn voornemens om voor jeugdhulp een quick-scan te ontwikkelen, die gericht is op de daadwerkelijke uitvoering van de zorg en ondersteuning. En die de praktijk zelf ook kan gaan helpen om tijdig verbeterpunten op te sporen.”

De Graaf reageert: “Het is op zich goed om te toetsen, maar zorg er dan wel voor dat je niet reageert op incidenten en dat je de administratieve last niet verder laat oplopen. Wij proberen onze overhead(kosten) laag te houden.” Het zou volgens haar goed zijn om het onderwerp ‘toetsing’ op de agenda van het Collectief te plaatsen.

Op de vraag wat Glasbergen en Boltjes zouden aanpassen bij een nieuwe aanbesteding gaat het niet om de gestelde kwaliteitseisen. Wel zouden ze een nieuwe productgroep willen toevoegen in aansluiting op transformatie van vastgoed JeugdzorgPlus naar kleinschalig verblijfsvoorzieningen, waar cliënten langer dan een jaar kunnen verblijven. Momenteel geven aanbieders daar op verschillende manieren invulling vorm aan. Dat zouden ze meer willen stroomlijnen.

Mariëlle Glasbergen en Sjoerd Boltjes

Opgaven transformeren

De deelnemers in het Collectief werken samen aan het realiseren van de transformatie. Eén van de opgaven is het realiseren van het krimpscenario; de gezamenlijke afbouw en ombouw van terreingebonden verblijf. Dat blijkt een aanzienlijke opgave, aangezien de bestuurders van de regiogemeenten eerder aangaven eind 2021 een afbouw van 50% te willen bereiken. Maar het is ook een complexe opgave, want capaciteit in en samenwerking tussen de ambulante zorg, in gezinshuizen en pleegzorg én in residentiële terreingebonden zorg gaat veranderen. Ondanks een gezamenlijke visie op de transformatie, spelen de belangen van partijen op als het concreet wordt welke plaatsen zullen worden afgebouwd. Begrijpelijk, vindt Boltjes, maar het is ook van belang om partijen er bij en bijeen te houden.

De Graaf is overall positief over de samenwerking van het Collectief zoals rond het onderzoek ter bepaling van de tarieven voor de verschillende vormen van verblijfzorg jeugd. Partijen leerden elkaar goed kennen en kwamen er samen naar tevredenheid uit. Dat gold ook voor het samenwerken aan het opstellen van een gesprekstool voor de verschillende producten gezinshuis; licht, middel en zwaar. Een volgende opgave ligt in het handen en voeten geven aan de doelstelling om ambulante alternatieven mogelijk te maken. Boltjes: “We hebben daar nu een werkgroep voor ingericht. We bekijken daarin bijvoorbeeld de mogelijkheid om een medewerker 24 uur per dag beschikbaar te hebben voor ambulante behandeling/begeleiding in een gezin, zodat het kind niet meer uit huis hoeft maar de ambulante behandeling/begeleiding naar hen toe komt."

Dan kunnen ook andere vraagstukken zoals rond schulden en relaties in het gezin opgepakt worden.

Tips voor andere gemeenten

Boltjes en Glasbergen geven tot slot nog een aantal tips mee voor andere gemeenten die willen bouwen aan de kwaliteit van verblijfsvoorzieningen voor jeugdigen en de samenwerking met aanbieders:

  • Stel een duidelijke, toekomstbestendige visie op. Betrek daarbij alle partijen, waaronder verwijzers en aanbieders. Vanuit die gedeelde visie kun je samen verantwoordelijkheid nemen voor de uitvoering en werkbare oplossingen vinden.
  • Als je van aanbieders meer vraagt in de samenwerking, bekijk dan met hen hoe het tijdbeslag is te beperken en/of wanneer je hen zou moeten compenseren.
  • Zorg dat je set van kwaliteitseisen goed in elkaar steekt. Bekijk voordat je extra eisen gaat stellen bovenop de jeugdwet eerst of dat meerwaarde heeft. Bedenk ook of je die extra kwaliteitscriteria kunt en wilt toetsen. Zorg vervolgens dat je de kwaliteitseisen die je stelt ook regelmatig toetst zowel op kwaliteit als rechtmatigheid.
  • Zorg dat je na gunning werkt in een samenwerkingsverband van gemeenten en aanbieders zoals in Centraal Gelderland gebeurt in het Collectief. Je kunt dan immers samen stap voor stap verder bouwen aan de gewenste transformatie en innovatie van zorg en ondersteuning.

De Graaf benadrukt het belang van een duidelijke (regie) rol door de gemeenten en dat de kosten (tijd) die de zorgaanbieder hiervoor moet maken binnen de perken blijft. Haar advies aan de gemeenten is ook: vertrouw op de kennis van de zorgaanbieders, zie hun belangen en laat je niet van de wijs brengen door (enkele) incidenten. De gedeelde visie en doelstellingen zijn daarvoor cruciaal.

Naar de kwaliteitscriteria in gepubliceerde inkoopdocumenten Centraal Gelderland...